Stilvallen geeft veerkracht

Sinds enkele jaren coachen we hulpverleners en hun teams rond veerkracht, zelfzorg en preventie van burn-out. Hulpverleners worden geconfronteerd met specifieke uitdagingen: werken met cliënten in complexe – soms uitzichtloze – situaties, vaak weinig zichtbaar resultaat van het werk, empathisch en nabij zijn zonder meegesleept te worden en jezelf te verliezen,… Dit alles brengt de veerkracht van de hulpverlener in de aandacht. Pas als de hulpverlener zich goed voelt, kan hij een kwaliteitsvolle samenwerking uitbouwen met zijn cliënt.

We liepen met zes Brusselse gezondheids- en welzijnsorganisaties een traject op maat. De expertise opgebouwd vanuit deze trajecten, hebben we verzameld op www.stilvallengeeftveerkracht.be

Wat is veerkracht?

Veerkracht is de flexibiliteit om je voortdurend aan te passen, intens te genieten van het moment, alert te reageren op onverwachte veranderingen en  steeds de moed en de kracht te vinden om het best mogelijke antwoord te bieden op de uitdagingen van elke dag. Veerkracht kan je zien als een spier die je kan oefenen. Mensen met een verhoogde veerkracht krijgen ook te maken met ziekte en tegenslagen maar herstellen sneller.

Wat heeft invloed op veerkracht?

De impact op  veerkracht wordt door heel wat factoren beïnvloed. Zowel factoren eigen aan de hulpverlener, als aan zijn job als aan de bredere samenleving. Het is een en/en verhaal. Elke factor kan zowel ondersteunend zijn (vb. steun bij partner) als bron zijn van stress (vb. conflicten met je partner).

Hoe kan je veerkracht versterken?

Veerkracht versterken kan op verschillende manieren gebeuren:

  • Je kan inzetten op veerkracht van een team. Een team kan de veerkracht van haar medewerkers ondersteunen. Anderzijds kan elk teamlid actief bijdragen aan de veerkracht van haar team. In die zin is er een wisselwerking tussen teamlid en team.
  • Je kan ook inzetten op het versterken van de veerkracht van een individuele hulpverlener. Hierop focussen we in dit artikel.

We werkten zes pleidooien uit. De pleidooien zijn als de poten van een tafel; hoe meer een tafel ondersteund is door verschillende stevige poten, des te groter de stabiliteit van de tafel. Bewust bezig zijn met veerkracht is een actief proces: het is nooit af en  vraagt bewuste reflectie en actie. Je hebt aandacht en wilskracht nodig om – waar nodig en zinvol – te investeren in één van de verschillende pleidooien.

Model: zes pleidooien voor veerkracht

De zes pleidooien voor veerkracht staan elk op zich én werken tegelijk op elkaar in en versterken elkaar. Het zijn geen ‘instant tips’ of toveroplossingen, maar zes uitnodigingen om thema’s uit je werk en leven onder de loep te nemen en actie te ondernemen.

  1. Pleidooi voor stilvallen en reflectie

Het eerste pleidooi is een pleidooi om stil te vallen en te reflecteren. Stilvallen en reflecteren zijn de basisvoorwaarden om de andere sporen te kunnen bewandelen en ’de fond’ van waaruit alles vertrekt.

Stilvallen is het ’langs de kant van de weg gaan zitten en afstand nemen van het dagelijkse hollen’. Reflecteren is het openstaan voor wat er in je binnenkant leeft, de bereidheid om vragen te stellen zoals: waarom doe ik wat ik doe?, wat wil ik verder met mijn leven?, hoe tevreden ben ik met mijn huidige keuzes?’.  Je stapt in de modus van ’zelfonderzoek’ waarbij jijzelf de belangrijkste focus bent. Investeren in stilvallen en reflectie vraagt dat je bewust tijd maakt en dit op geregelde momenten. Het vraagt een volle aandacht voor jezelf, in het hier en nu.

Wat helpt jou om met dit pleidooi bezig te zijn: Af en toe gaan wandelen met de hond, bewust op zondagavond stil staan bij de voorbije week en hoe je de komende week alert zult zijn voor je veerkracht, …

Ook op langere termijn is inzetten op dit pleidooi efficiënt: het leidt tot betere keuzes in je werkorganisatie, een grotere voldoening en welzijn en een betere balans tussen verschillende rollen in je werk. Zo creëert dit meer tevreden hulpverleners die met meer energie en grotere creativiteit met de dagelijkse uitdagingen omgaan.

  1. Pleidooi voor waardengericht leven en werken

Waarden geven richting aan het leven. Ze geven aan waar je naartoe wilt. Wat is voor jou goed en zinvol leven? Wanneer kan je in vrede sterven? Wat is voor jou van waarde in je leven?. Als je waardengericht wil leven en werken is het belangrijk om zicht te krijgen op welke waarden van belang zijn in jouw leven. Als je weet wat je langetermijndoelen en je langetermijnfocus is, dan kun je immers scherper selecteren welke keuzes over je leven en je werk je dan best vandaag maakt. Je blijft zo actief bezig met je innerlijk kompas.

In het fijn boekje van twee palliatieve verpleegkundigen ‘Wat levenden kunnen leren van de doden’ (De Coninck en Brusseel, 2015) blijkt niemand op zijn sterfbed te zegen: “Ik had meer moeten gewerkt hebben, ik had een grotere auto moeten gekocht hebben, …”

Wat waren je idealen toen je begon te werken, hoe zijn je idealen geëvolueerd, …? Wat moet je dan nù doen om op het einde van je leven tevreden te zijn?

  1. Pleidooi voor zelfmeesterschap

Aandacht voor je basisbehoeften

Een hulpverlener is goed in het opmerken van de noden van anderen. Onze voelsprieten zijn getraind en gericht op de ander. Ze richten op onszelf en stilstaan bij onze eigen noden, er een gepast antwoord op formuleren én acties ondernemen is echter dé basis van een ’sterk zelfmeesterschap’.

Het vraagt aandacht geven aan zowel wat ons lichaam nodig heeft (bv. zorgen voor voldoende uren rust en slaap, deugddoende voeding) als aandacht aan wat onze geest vraagt (bv. gezellig gesprek met een vriendin, meeslepende film). Dit betekent opmerken wat je nodig hebt én de verantwoordelijkheid opnemen om de verschillende facetten te soigneren.

Actieve vormen van ontspanning ondersteunen onze weerstand. Daarop inzetten zorgt voor een grotere efficiëntie, ons lichaam komt sneller en gemakkelijker in ontspanmodus na een actieve work-out (Portzky, Veerkracht, 2015). Het bewust inplannen van ontspanningsmomenten is belangrijk. Er zijn de micromomenten en de pauzes per dag, maar ook de momenten doorheen de week. We maken het verschil tussen tijd voor ontspanning en het pleidooi om tijd te maken voor momenten van ogenschijnlijk ‘niets doen’ en voor verveling. Dit is het ‘mind wanderen’: een manier voor ons hoofd om ‘mentaal bij te tanken’. Zoals een auto: deze moet niet alleen afkoelen na ettelijke kilometers, er moet ook bijgetankt om gezwind verder te rijden. Ons tv-zappen is een vorm van verstrooiing, goed om “af te koelen”, een bewust gekozen ontspanning is het “bijtanken”.

Aandacht voor brein- en werkhygiëne

De scheiding tussen onze job en ons privéleven wordt vager als we thuis werken. Onze tablets en smartphones zorgen ervoor dat het onderscheid tussen werk- en ontspantijd dreigt weg te vallen. Hoe plaats jij schuttingen tussen werk en privé, tussen werken in de thuissituatie en volledig aanwezig zijn – met je maximale aandacht – bij je huisgenoten? Hoe bereikbaar ben je / wil je zijn voor onze collega’s en cliënten eens je thuis bent? Hoe communiceer je hierover naar onze collega’s toe?

Hoe beter we zicht hebben op hoe en in welke condities ons brein optimaal werkt en hoe we ons werk best organiseren, des te meer we daar rekening mee kunnen houden. We zoemen hier in op twee belangrijke facetten in ons zelfmeesterschap: breinhygiëne en werkhygiëne.

Breinhygiëne

We putten ons brein uit als we kiezen voor multitasken. Het gelijktijdig met verschillende taken bezig zijn, lijkt mooi maar de realiteit is dat ons brein niet in staat is om verschillende gedachten en taken tegelijkertijd bewust op te nemen (Geraerts, Mentaal kapitaal, 2015). Beter is te single-tasken: het ene na het andere, het doen van de dingen met volle aandacht in het hier en nu.

Het is belangrijk dat we aandacht hebben voor waar we onze focus op willen leggen en hoe we onze focus vast kunnen houden. Ons vermogen om informatie te verwerken is beperkt. Zo is het belangrijk om prioriteiten te stellen en afleiding zo veel mogelijk te vermijden. Bv. Durf jij de deur van je bureau sluiten of blokken in je week blokkeren waarbij je niet bereikbaar bent voor je collega’s en cliënten?

Je kan best ook het schakelen of het switchen van één soort mentale activiteit naar een andere beperken, door langer aan één taak te blijven werken. Verder overschatten we hoeveel we kunnen doen. We schrijven onszelf een groter intellect en een groter concentratievermogen toe dan waarover we effectief beschikken. Vb. Gebeurt het wel eens dat je inschat dat het schrijven van een bepaald verslag jou x tijd zal kosten maar dat jij daarbij vergeet de tijd in te calculeren dat er externe vragen zullen komen, terwijl je best weet dat deze vragen zullen komen?

Werkhygiëne

Over olifanten en konijnen… Doorheen een dag zijn er momenten waarop we ons beter kunnen concentreren dan andere momenten. Voor velen is de concentratie ’s morgens beter dan in de namiddag. Daarnaast zijn er taken die meer of minder concentratie vragen. Als je je bewust wordt van hoe jouw optimale functioneringsmodus eruit ziet op vlak van inhoud en/of timing, kan je je hier beter naar organiseren. Hoe meer je de autonomie hebt om je agenda te plannen en te organiseren, hoe beter je kan werken naar een meer performante en ontspannen aanpak.

Anderzijds worden we sterk gemotiveerd bij het aanvinken of afhandelen van een to-do-lijst doordat onze endorfines voluit getriggerd worden: we ontvangen bevrediging op korte termijn, hier en nu. De zwaardere klussen met grotere intellectuele uitdaging stellen we makkelijker uit want deze bieden bevrediging op langere termijn. Bijvoorbeeld de dag starten met het afhandelen van je mails terwijl je het schrijven van een dringend maar lastig verslag uitstelt. “When you are hunting elephants, don’t get distracted chasing rabbits”.

Kies voor een opgeruimd hoofd. Ons vermogen om informatie te verwerken is beperkt. De snelheid wordt vertraagd door onze gedachten, zorgen en ideeën die blijven rondspoken. Zoek manieren om deze los te laten. Sommigen maken bvb. gebruik van een schriftje, anderen gebruiken hun smartphone. Neem dit lijstje er dan regelmatig bij en onderneem acties.

Inzetten van je sterktes

Het is zinvol om je sterktes te koesteren. Het is nuttig om aandacht te geven aan wat jouw krachten en talenten zijn, aan wat je apprecieert in jezelf.  Je talent kunnen inzetten in je werkcontext, zorgt ervoor dat je deze activiteiten met minder moeite volbrengt én dat het je energie oplevert (Dewulf, Stop burn-out, 2016). Als je iets graag doet, ervaar je dit niet als een opdracht, maar als een natuurlijke uitdrukking van wie je bent (Baeijaert en Stellemans, Vergroot de veerkracht in jezelf en je team, 2015). Hoe meer je er in slaagt om je leven en je werk in overeenstemming te brengen met je talenten en je waarden, hoe meer bevlogen je in het leven staat.

  1. Pleidooi voor bewust kiezen

‘Ik heb geen tijd’ is geen juiste uitspraak. We hebben tijd, namelijk per dag 24 uur. Waarvoor kiezen we om onze tijd aan te besteden en waarvoor niet? Het is kwestie van scherpe keuzes te maken met de beschikbare tijd en dit zowel op het werk als in je persoonlijke leven.

Het gejaag en onze overvolle agenda’s, het constant ‘aan’ staan en het altijd met meerdere dingen tegelijk bezig zijn, zorgt ervoor dat we ons overbelast en uitgeput voelen. Veel mensen laten hun werktijd sturen volgens wat op hen afkomt in hun mailbox.

We hebben verschillende rollen: de rol van partner, ouder, collega, vriend(in) … De tijd die je in elke rol steekt verschilt nogal van de periode in de gezins- en in de jobontwikkeling. Regelmatig eens je rollen overlopen, voelen of de verhouding en balans tussen de rollen nog steeds klopt, is belangrijk.

Keuzes maken is essentieel. Als we heldere en overwogen keuzes willen maken, is het goed om er tijd voor te maken en je waarden voor ogen te houden. Een vraag laten bezinken en de tijd nemen alvorens we de vrager antwoord geven, is zinvol. Vaak zeggen we te snel ja: we zijn verrast, reageren vanuit gewoonte of vanuit het enthousiasme van het moment. Stel jezelf de vraag: als je een extra taak erbij neemt, wat heeft dit als consequentie voor de rest van je pakket?

Afgrenzen is niet gemakkelijk. Als je heldere keuzes maakt, kan je je beter afgrenzen. We zetten de metafoor van de ‘appelmand’ in. Elke taak is een appel, maar je kan maar zoveel appels in de mand leggen als deze groot is. Als je mand vol is, dan kan er maar een taak bijkomen als er een andere appel uitgaat. We zijn goed in iets nieuws aantrekkelijk te vinden, we zijn minder goed om uit de bestaande dingen iets te schrappen. Beter nog is het om maar 90% van je mand vol te leggen zodat je onverwachte zaken kan opvangen. Wie nog genoeg veerkracht heeft, heeft ook de energie en creativiteit om het onverwachte goed op te vangen.

Soms beweren hulpverleners dat alle taken belangrijk zijn. Toch is er vaak een hiërarchie in belangrijkheid. Hoe is de hiërarchie in jouw takenpakket? Wat zijn jouw kerntaken? Of doe de  oefening: stel je bent volgende maand één week ziek, welke taken ga je dan niet doen?

Het helpt om je leven regelmaat te geven om niet elke dag te moeten nadenken over alles. Als je weekmenu elke week hetzelfde is, bespaar je veel tijd over kiezen wat je zal eten, welke aankopen je in welke winkel moet doen. Dit geeft rust en tijd om aan iets anders te besteden.

  1. Pleidooi voor verbinden

Cultuur

De cultuur of de sfeer waarin wij met onze collega’s omgaan (en vice versa), kan zowel ondersteunend als belemmerend zijn voor onze veerkracht.

Het benoemen van krachtbronnen bij elkaar zorgt ervoor dat men zich gezien en gewaardeerd voelt. Hierdoor is men in staat om meer van die kwaliteit in te zetten, ook in andere situaties. Waardering uitspreken naar elkaar toe, is krachtig en motiveert. Als je een waarderend klimaat wil bevorderen, waardeer dan veelvuldig, onmiddellijk, concreet en in kleine, te behappen porties (Clement, Inspirerend coachen, 2016). Wanneer heb jij voor ’t laatst waardering uitgesproken of ontvangen?

We maken fouten als hulpverlener én als team. Dit is nu eenmaal eigen aan mensen en kan ook niet anders in onze drukke en eisende jobs. Vertrekken van de idee dat we allemaal zo menselijk imperfect zijn, ondersteunt de processen die nodig zijn om jezelf en je team in vraag te (durven) stellen. In vraag stellen zorgt dan weer voor evolutie en dynamiek. Het helpt om je zorgen en bekommernissen uit te spreken, kortom om je kwetsbaar te durven tonen. Dit uitspreken verbindt teamgenoten. Het zorgt voor een collegiale basis van wederzijds vertrouwen én het ondersteunt het zelfvertrouwen. Brené Brown (2013) kiest er resoluut voor om onzekerheid en kwetsbaarheid te zien als een kracht.

De stijl en aanpak van de leidinggevende heeft in dit verhaal zijn belang. Hij fungeert als een belangrijk model: in hoeverre stelt hij zich vragend op en/of durft hij zich kwetsbaar op te stellen? Deze cultuur werkt het beste als het vanuit verschillende richtingen komt: van onderuit én van bovenuit.

Investeren in contact

Onderzoek toont aan dat sociale steun niet alleen een sterke buffer is tegen stress maar tevens een belangrijke pijler is in ons algemeen welzijn. Ook in de werkcontext is dit voor velen een bepalende factor van jobsatisfactie. Onze collega’s maken wel degelijk een verschil.

Tijd en ruimte maken om de focus te leggen op elkaar en samen kleine rituelen opbouwen (bv. samen verjaardagen vieren, tweejaarlijks extern etentje) zorgt voor lijm tussen collega’s. Bewust organiseren van de werkplek kan dit contact faciliteren, zoals het aangenaam aankleden van koffie- en eetruimte, telefoonloze eetruimte.

Zodra we meer onder stress komen te staan, komen we langzaam meer in een tunnel terecht. Het lukt ons moeilijker om nog breed te denken en onze probleemoplossingsvaardigheden komen onder druk te staan. Daarom is het zinvol om problemen te bespreken met collega’s. Moeilijke en complexe problemen hebben immers nood aan een creatieve manier van denken. Net dat vermindert in tijden van stress. Het inzetten van collega’s vormt hier een tegenkracht.

Vanuit de authentieke verbinding is kritisch durven zijn belangrijk. Of zoals men zegt “Het stinkt waar het nooit waait”. Goede feedback is krachtig en waardevol. Dit betekent immers confronteren in verbondenheid.

  1. Pleidooi voor mild zijn

Aard van het beestje

We kunnen het verleden niet herschrijven. Hoe we in elkaar zitten kunnen we niet veranderen. Er zit een deel van aanvaarding in: we zijn zoals we zijn, het leven is gelopen zoals het is gelopen. Het is nuttig om jezelf te bevragen over je eigenheid, je opvoeding, je ervaringen en je vroegere leerprocessen. Voorbeelden van aangeleerde patronen zijn neiging tot perfectionisme, moeilijk grenzen stellen, …. Of in verband met onze denkpatronen is er het voortdurend bezig zijn met wat anderen over jou zullen denken, het rampdenken. De ingrediënten van onze ‘rugzak’ beïnvloeden hoe we vandaag denken, voelen en functioneren als hulpverlener. Door een beter zicht te krijgen op onszelf en op de patronen die ons helpen of belemmeren, krijgen we ruimte om andere keuzes te maken. We kunnen immers vertrouwen op de mogelijkheid  om het anders aan te pakken.

In de manier waarop we onszelf bejegenen, leggen we de nadruk op ’mild zijn’. Er is het mild zijn tegenover de ander, onze collega en onze cliënten, maar even zo centraal is er de mildheid naar onszelf. Als hulpverlener zijn we getraind in het mild omgaan met de anderen. Kunnen we deze houding ook naar onszelf cultiveren?

Centrale vraag is “Hoe is je innerlijke dialoog? “. Hoe we met onszelf praten en wat we tegen onszelf zeggen heeft een sterke invloed op hoe we naar situaties en naar onszelf kijken. Het beïnvloedt hoe we ons voelen. Wat zeg jij bijvoorbeeld tegen jezelf als iets mislukt? Wat en hoe praat ik tegen mezelf?

De voldoende goede hulpverlener

Onder de ’bril van de hulpverlener’ plaatsen we de waarden en overtuigingen die we hebben in ons werk en bij uitbreiding op het leven; Wat is goede zorg? Wanneer is mijn of onze zorg voldoende? Wat is mijn visie over hulp bieden? Waar kan ik onvoldoende handelen vanuit mijn overtuiging? Waar ondervind ik morele stress?

Zoals een circusartiest op de bal best voortdurend beweegt om niet te vallen, zo is werken aan onze eigen balans een voortdurend kleine stapjes zetten om rechtop te blijven.

Je eigen veerkracht bewaken is in je eigenbelang en in het belang van je cliënten.

Auteurs: Caroline Damman is klinisch psycholoog. Bart Dewaele is pedagoog. ‘Stilvallen geeft veerkracht’ is een project van Hogeschool Odisee Studiegebied Sociaal Agogisch werk met de steun van Vlaamse Gemeenschapscommissie.